Innovatie-links

Planning en Control in Multimodale Versketens Print
maandag, 10 mei 2010 19:53

In april 2010 is in samenwerking met diverse ketenpartijen het rapport "Planning en Control in Multimodale Versketens" samengesteld. Duidelijk is dat er altijd wegvervoer zal blijven maar als een container niet direct op plaats bestemming hoeft te zijn, en dat komt vrij veel voor, is het spoor of de binnenvaart een goede optie. Van belang is wel dat het proces flexibel genoeg moet zijn om waar nodig terug te vallen op wegvervoer. Voor versproducten die moeten wachten op een douane-scan blijkt binnenvaart nog niet echt een optie. De focus ligt nu dan ook op de grote bulk versproducten.

Een aantal conclusies: de mogelijkheden voor multimodaal zijn groot;  er is behoefte aan een multimodaal ketenplatform; de toezichtlast moet naar beneden, bijvoorbeeld door de informatievoorziening aan de toezichthouders verder gestroomlijnen door een Single Window (ict-netwerk). 

Importeurs hebben in het multimodale transport 3 opties van minimale tot maximale regie en informatie. In de minimale optie regelt een expediteur het transport en heeft de importeur slechts inzicht op het tijdstip van aankomst terwijl bij de maximale optie heeft de importeur zelf de totale regie van alle partijen, hun aanbod en de uiteindelijke keuze van het transport in handen en heeft inzicht in alle logistieke informatie. Daarbij zou een ketenplatform uitkomst bieden waar alle marktinformatie te vinden is, wie welk aanbod heeft, waar direct geboekt kan worden en de status van de container op te vragen is.

 

 "Er wordt altijd maar gekeken naar wat er niet kan en de financiële kwesties
maar er moet gekeken worden naar de urgentie en dan hebben we het niet over morgen of overmorgen
maar duidelijk is dat er iets moet gebeuren."

Frans Tielrooij van Agrologistiek.  Uit "Wegvervoer blijft, maar binnenvaart en spoor hebben potentie", 21 april 2010

 

Samenvatting rapport "Planning en Control in Multimodale Versketens"

 

Het bedrijfsleven in de AGF sector heeft ingezet op de multimodale afwikkeling van gecontaineriseerde import- en exportstromen van groente en fruit. Doelen zijn het verminderen van de congestiegevoeligheid van de keten en daarmee het vergroten betrouw-baarheid van de keten. Daarnaast draagt het gebruik van multimodaal vervoer bij aan de vermindering van de uitstoot van CO2- en fijnstof. Om dit mogelijk te maken heeft de AGF‐sector behoefte aan een multimodaal ketenplatform waarmee de ladingbelanghebbende een overzicht krijgt over de gehele keten en hij met alle partijen in de multimodale keten elektronisch kan communiceren bij het plannen van de multimodale keten. In dit onderzoek is de ontwikkeling van een multimodaal ketenplatform voor de versketen vanuit drie verschil-lende invalshoeken/vragen onderzocht:

Het onderzoeksproject is uitgevoerd door Peter Verbaas, Frugi Venta en Thierry Verduijn, Flowinnovation.

Planning en Control in de Versketen is mede gefinancierd door het Platform Agrologistiek en het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Frugi Venta is het Handelsplatform voor groenten en fruit in Nederland.

Flow Innovation helpt bedrijven en overheden die hun logistieke stromen willen verbeteren.

Het Platform Agrologsitiek stimuleert innovatieve projecten van het bedrijfsleven om de logistiek van dieren en agroproducten slimmer en duurzamer te laten verlopen.

Fresh Corridor richt zich op maatregelen voor vervoer van versproducten met de binnenvaart tussen het Rotterdams havengebied, greenport Venlo, Fruitpact Betuwe, Vlissingen en Antwerpen.

Downloaden: Planning en Control in Multimodale Versketen

 

1. Hoe zit de planning en control van multimodale versketens in elkaar en op welke wijze en kan het potentieel voor verslading worden vergroot door een betere afstemming van de logistieke processen van de verschillende partijen in de transportketen?

Er is een aanzienlijk ladingpotentieel aan gecontaineriseerde versstromen dat multimodaal kan worden vervoerd. Een groot deel van de containers met AGF heeft geen haast en hoeft niet binnen 24 uur na aankomst schip in de loods van de importeur te staan. Alleen aan het begin van het seizoen als er nog geen voorraden zijn, bij producten met een korte houdbaarheid, bij onzekerheid over de kwaliteit en samenstelling van de lading of in instabiele marktsituaties heeft een importeur de container snel nodig.

Het ladingpotentieel voor multimodale versstromen kan worden vergroot als de processen van de ladingsbelanghebbenden, de partijen in de multimodale transportketen en de diverse toezichthouders goed op elkaar zijn afgestemd en transparantie in de keten wordt vergroot. De vaartijd en rijtijd zijn niet de beperkende factor. De bepalende factoren zijn:

  1. de lagere frequentie van binnenvaart en spoor ten opzichte van het responsieve wegvervoer,
  2. het feit dat binnenvaart operators meerdere terminals bezoeken tijdens hun bezoek aan de Rotterdamse haven en dit proces zeer onzeker is,
  3. er weinig transparantie is of een container na lossing van het zeeschip precies op tijd beschikbaar komt voor het achterland vervoer. Op dit moment nemen binnenvaart‐ en spooroperators het risico niet dat de container niet op tijd beschikbaar is bij de zeeterminal en nemen daarom veilige marges bij het inplannen van containers op afvaarten en treinritten.

2. Op welke wijze kan het toezicht in de keten worden ingericht om de inzet van multimodaal vervoer voor versproducten maximaal te faciliteren en de toezichtlasten voor importeurs verder te verminderen?

In principe komen alle containers, behalve die door de Douane en/of VWA voor controle zijn geselecteerd in aanmerking voor vervoer per binnenvaart of spoor. Maximaal 5 tot 6% van de importcontainers wordt door de VWA en Douane geselecteerd voor controle en kunnen na inspectie efficiënter en sneller met het wegvervoer worden afgewikkeld. Als de informatie over de selectie van containers door de Douane, VWA en de PD/het KCB op tijd bij de importeur bekend is kan de importeur 24 uur voor ETA voor de overige containers de multimodale planning opstellen. Het potentieel voor multimodaal vervoer kan worden vergroot met meer transparantie over de planning van het douane scan proces en het kunnen maken van afspraken over de doorlooptijd.

De informatievoorziening aan de toezichthouders kan verder worden gestroomlijnd door een Single Window. Alle informatie voor de Douane, PD/KCB en VWA is feitelijk al beschikbaar voordat de multimodale keten wordt gepland, maar op minimaal drie verschillende momenten moet de importeur een aangifte sturen naar verschillende toezichthouders. Een single window biedt de importeur de mogelijkheid om alle informatie in keer aan leveren aan de overheid en regelt de informatiestromen tussen de toezichthouders. Het proces redesign project van de Veterinaire importketen biedt hiervoor een goede aanzet.

Van alle fysieke keringen vinden alleen de kwaliteitskeuring en de fytosanitaire keuring, gecombineerd plaats. Wanneer de bovengenoemde informatie centraal beschikbaar is, is het vervolgens zeer wenselijk alle fysieke inspecties in plaats, tijd, en waar mogelijk uitvoerende dienst, verder te combineren.

 

3. Aan welke programma van eisen moeten een multimodaal ketenplatform voldoen om de informatieuitwisseling tussen importeurs, havenlogistieke partijen, multimodale operators en overheden te facilteren?

De kern van een multimodale ketenplatform bestaat uit drie functionaliteiten: 

  1. een beslissingsondersteunend systeem dat de ladingbelanghebbenden ondersteunt in het plannen en monitoren van de multimodale keten:
    (a) bij het bepalen van de gewenste beschikbaarheid van de lading,
    (b) met het multimodaal plannen en boeken van de lading,
    (c) door het bieden van inzicht in het verloop van het logistieke proces,
    (d) door het geven van alerts en (semi)automatische interventies.
    Voor de importeur is neutraliteit en uniformiteit van het beslissingsondersteunend planning & monitoringsysteem van belang. Neutraliteit betekent dat het systeem bruikbaar moet zijn voor het aansturen van de multimodale keten op alle trajecten, voor alle modaliteiten en alle operators. Uniformiteit is van belang om ervoor te zorgen dat alle ketenpartijen dezelfde informatie aanleveren.
    De ontwikkelde functionaliteit van het beslissingsondersteunende systeem kan worden geïntegreerd in de bedrijfsinterne systemen, maar ook gestandaardiseerd via een (web-)applicatie of SAAS (Software as a service) worden aangeboden.
  2. een platform voor elektronische communicatie met andere partijen in de logistieke keten. Elke importeur communiceert alleen met het multimodale ketenplatform. Het ketenplatform zet de berichten door met ketenpartijen of andere platformen en ontvangt de berichten die door andere ketenpartijen wordt toegestuurd.
  3. een databeheerfunctie waardoor hergebruik van data binnen de keten mogelijk wordt niet alleen voor operationele afstemming tussen ketenpartijen, maar ook voor ketenbrede analyses. Informatie wordt opgeslagen in een centrale database en wordt ontsloten voor die partijen die daartoe rechten hebben.

De noodzakelijke verbeteringen in de afstemming van havenlogistieke en binnenvaartprocessen (tussen rederij, terminal en achterlandoperators) kunnen worden ondersteund door Portbase en/of MIS-Cobiva. De AGF-sector speelt een aanjagende rol om er voor te zorgen dat de nog ontbrekende informatiestromen die nodig zijn om het havenlogistieke proces te verbeteren door de betreffende markpartijen (terminals, importeurs, rederijen, achterlandvervoerders) worden gerealiseerd. Voor de informatie die vanuit de binnenvaart en het havenlogistieke proces aan de verssector wordt aangeboden dient de AGF-sector in te zetten op de ontwikkeling van (internationale) standaardberichten. Het gaat hierbij om: informatie over de vaarschema's van de binnenvaart, tracking en tracing in de binnenvaart, transportopdrachten, informatie over het losmoment van containers, etc. Dit maakt het ook mogelijk dan andere type lading van deze verbeteringen kan profiteren.

 

Aanbevelingen

  • Ontwikkel een (demo-) applicatie voor importeurs voor de ondersteuning van het multimodale planningsproces. 
  • Start de dialoog met ketenpartijen om de genoemde verbeteringen in de havenlogistieke (informatie)processen te verbeteren, te beginnen met de ETA en de losplanning van de containers.
  • Het Ministerie van LNV moet er samen de Douane bij het bedrijfsleven op aandringen dat het logistieke proces rondom de douanecontroles in de haven van Rotterdam wordt verbeterd.
  • Zet in op de ontwikkeling van een gedeelde visie op de single window voor alle communicatie tussen bedrijfsleven en overheid.
  • De mogelijkheid om het keuren van AGF-lading te verleggen naar de eigen loods dient te worden geborgd bij de Europese Commissie.
 
Banner