Vlaanderen scoort goed om verladers naar het water te trekken
zaterdag, 29 mei 2010 16:24

In Vlaanderen lukt het vrij goed steeds meer verladers naar de binnenvaart te trekken. Het is vooral te danken aan de gezamenlijke inzet van het bureau Promotie Binnenvaart Vlaanderen (PBV), de overheid, waterwegbeheerders NV De scheepvaart, Waterwegen en Zeekanaal NV, ondernemingorganisaties Voka en Unizo en de zeer doeltreffende stimuleringsregelingen als kaaimuur programma en de bijdrage voor iedere container die van weg naar water wordt verplaatst (Steun Intermodaal Vervoer - SIV).

 

Tot april 2010 hebben 156 bedrijven een aanvraag voor de aanleg van een kade ingediend en intussen zijn 77 kaaimuren gerealiseerd. Aan de verladers reikt de overheid aan de verladers 17,5 euro uit per in aanmerking komende container. Meer over stimuleringsregelingen Vlaanderen. Een ander sterk punt is de inzet van een 4-tal transportdeskundigen die door NV de Scheepvaart, Voka en Unizo. Gratis onderzoeken zij voor bedrijven of het haalbaar is om de binnenvaart in te zetten. Hieronder een overzicht van diverse effecten hierop. Lees meer daar over in de kennismakingbrochure van PBV

 

Limburgs Staalservice Center - Aanvoer rollen staal en afvoer afgewerkte staalproducten
Het nieuwe Limburgs Staalservice Center te Bree dat in 2009 in productie kwam, voert rollen staal aan per binnenvaart. Ook een kwart van de afgewerkte producten worden met dezelfde vervoersmodaliteit afgevoerd. Het bedrijf ligt op het industrieterrein Kanaal-Noord te Bree langs de Zuid-Willemsvaart. Voor betere overslagactiviteiten is in april 2010 een nieuwe laad- en loskade in gebruik genomen waarvoor gebruik is gemaakt van de succesvolle Vlaamse stimuleringregeling Kaaimuren. De aanlegkosten van de 256 meter lange kade bedroeg 1.905.000 euro. In 2009 werden al zo'n 76.000 ton staalrollen per schip aangevoerd vanuit onder andere Antwerpen. Daarmee zijn ca. 2.500 vrachtwagenritten uitgespaard.

Na deze eerste kade komt er ook nog een tweede kade die onder andere zal worden gebruikt door de Noord-Limburgse Betoncentrale, het constructiebedrijf AVM en het energiebedrijf Electrawinds die er in de buurt liggen.

 

Echo Genk - Kiest voor binnenvaart
Het bedrijf Echo uit Genk, producent van vloerelementen, heeft zijn nieuwe fabriek officieel in gebruik genomen. Met het project was een investering van 20 miljoen euro gemoeid. De nieuwe productiesite zal vloerelementen in voorgespannen beton produceren onder de merknaam DomoDeck, bestemd voor het bouwen van woningen en appartementen. De fabriek heeft een capaciteit van 730.000 vierkante meter per jaar.

Door zijn ligging bij het Albertkanaal zullen de grondstoffen van het bedrijf via het water worden aangevoerd en opgevangen worden in opslagbunkers met een totale capaciteit van 20.000 ton. Uit berekeningen blijkt dat Echo daardoor ongeveer 5.000 vrachtwagenritten per jaar kan besparen. (april 2010)

 

Steenbakkerij Vande Moortel - Afvoer van pallets bouwmaterialen
De Steenbakkerij Vande Moortel is gevestigd langs de Schelde in Oudenaarde. Met behulp van de Vlaamse stimuleringregeling Kaaimuren heeft het bedrijf een laad- loskade aangelegd. Kosten € 470.000. Grondstoffen voor de fabriek werden al via de binnenvaart aangevoerd en vanaf eind maart 2010 maakt het bedrijf ook gebruik van de binnenvaart om eindproducten (pallets bakstenen) af te voeren. Vooralsnog gaat het om binnenlandse leveringen, maar Vande Moortel wil in de toekomst ook via de binnenvaart aan Nederland en Duitsland leveren. Klanten van Vande Moortel blijken open te staan voor levering via het water, maar op dit moment zijn er nog onvoldoende loskades beschikbaar. (zie ook: Palletvervoer via binnenvaart)

 

StoneExpress
In Vlaanderen worden vanaf 2008 regelmatig proeftransporten gehouden om te bezien of het vervoer van bouwmaterialen op pallets met een binnenvaartschip, waaronder "StoneExpress", kansrijk is. Een sterk punt is de private en publieke samenwerking. Zo werken transportdeskundigen en vaarwegbeheerders De Scheepvaart en Waterwegen & Zeekanaal, transportdeskundigen en de haven van Brussel samen met bouwmaterialenproducenten Vandersanden, Wienerberger, Coeck en Ploegsteert. Zie ook artikel op deze site.

 

Metaalconstructiebedrijf Geldof - Afvoer van stalen platen t.b.v. tankopslagtanks Amsterdam
In juni 2009 haalde het Belgische Metaalconstructiebedrijf Geldof het een project binnen voor de bouw van een tankterminal in opdracht van Vopak. Geldof staat in voor de constructie van 23 brandstoftanks in de Westpoort-haven van Amsterdam. De tanks hebben een totaal opslagvolume van 620.000m³, een ongeziene capaciteit voor West-Europa.

Voor het proeftransport van 600 ton stalen platen van Harelbeke naar Vopak in Amsterdam, kiest het Belgische metaalconstructiebedrijf Geldof voor de binnenvaart. Bij succesvol transport volgt de resterende 16.400 ton. Op die manier houdt Geldof meer dan 850 vrachtwagens van de Belgische en Nederlandse wegen en talloze kilo's CO2 uit de lucht.

Inmiddels pakken de plannen voor het Amsterdamse tankpark nog mooier uit voor Geldof: de 2e fase (opnieuw goed voor zo'n 12.000 ton staal) werd opnieuw toevertrouwd aan het metaalcontructiebedrijf.

 

Groep Colruyt in Gellingen - Aanvoer van distributiegoederen
Voortaan zal de Groep Colruyt zijn containers met o.a. wijn per schip in plaats van per vrachtwagen vervoeren vanuit de haven van Antwerpen naar Brussel. Door te kiezen voor de haven van Brussel spaart de groep jaarlijks zo'n 1.000 vrachtwagenritten uit. Vanaf de CFNR continerterminal te Brussel worden deze containers vervolgens per vrachtwagen naar het distributiecentrum van Colruyt in Gellingen gebracht.

Na een testfase besliste Colruyt om definitief de modal shift van weg- naar watervervoer te maken voor het traject tussen Antwerpen en Brussel. De distributiegroep geniet daarbij van een subsidie per container. Op jaarbasis verscheept de Groep Colruyt 400 à 500 containers vanuit de Haven van Antwerpen naar de Haven van Brussel. Op die manier spaart de warenhuisketen bijna 1.000 vrachtwagenritten uit, aangezien de lege containers ook per vrachtwagen naar Antwerpen teruggebracht moeten worden. Het aantal containers kan in de toekomst nog verhogen als de Groep Colruyt beslist om de bevoorrading van zijn distributiecentra in de regio rond Brussel eveneens via de haven van Brussel te laten verlopen.

De keuze voor de haven van Brussel past binnen de bedrijfsfilosofie van de groep om de CO2-uitstoot te verminderen. Daarnaast spelen ook praktische overwegingen een rol in de keuze. Bijvoorbeeld dat verkeerscongestie op de ring rond Antwerpen wordt vermeden. Voorts verloopt de overslag van zeeschip naar binnenschip vlotter dan van zeeschip naar vrachtwagen op de kade in de haven van Antwerpen. PBV maart 2010

 

Vlaamse overheid vervoert geluidsmuurelementen via binnenvaart
Om aan te tonen dat het vervoer van goederen over de weg niet altijd de meest aangewezen transportwijze is, heeft de Vlaamse Overheid ervoor gekozen om de onderdelen van een nieuwe geluidsmuur langs de E40 in Drongen te vervoeren met een binnenschip. Om de muur van één kilometer lang te bouwen, zijn er 332 wandelementen en 332 deltablokken nodig die samen 3025 ton wegen. Om deze elementen te transporteren vanuit Hasselt zouden er 131 vrachtwagens nodig zijn geweest, maar de Vlaamse Overheid besliste dat het opportuner was om de lading met vier binnenschepen te vervoeren. Als overslagpunt is een tijdelijk watergebonden depot langs de Gentse Ringvaart, ingericht. Vervolgens worden de elementen naar de bouwwerf op de E40 gebracht. Door het transport per binnenschip worden 19.000 vrachtwagenkilometers over de Vlaamse wegen uitgespaard. Bij de overslag wordt gebruik gemaakt van een vernieuwende overslagtechniek met twee vorkliften en een platform op de zijkant van het schip (foto). De methode wordt ook gebruikt voor palletvervoer van bouwmaterialen, die geleidelijk aan naar de binnenvaart verschuift.

 

C.G. Holdings Belgium NV - Binnenschip vervoert transformator van 120 ton
Ook C.G. maakte eind maart 2010 gebruik van de binnenvaart voor het transport van een vermogenstransformator van 120 ton tussen Mechelen en Hoboken. Door het gewicht en de dimensies mag een dergelijk transport enkel 's nachts over de weg plaatsvinden en brengt het schade aan de weg toe. Met het binnenschip van het type Kempenaar (50,00 bij 6,60 mtr. en gem. 600 ton laadvermogen, werd de transformator vanaf de roro-kade te Mechelen, via de Rupel en de Schelde afgeleverd aan de loskade in Hoboken, ter hoogte van Fabricom-GTI. Daar zal het worden ingepast in een onderstation dat later naar Zeebrugge wordt getransporteerd. De transformator is een belangrijk onderdeel voor het Belwindproject, het energiewindpark in de Noordzee.

 

Fabricom in Hoboken - Binnenvaart vervoert installatie van 700 ton
Sinds eind 2008 past ExxonMobil de installaties van de dieselraffinaderij aan om schonere diesel te produceren. In de Antwerpse raffinaderij verrijst in het kader van dit project een zogenoemde High Pressure HydroTreater (HPHT). Het 700 ton wegende sluitstuk van deze ontzwavelingsinstallatie, gebouwd door Fabricom, werd op 10 mei 2010 van de werf in Hoboken-Polder via de binnenvaart naar de raffinaderij in Kallo vervoerd. Zie ook de reportage van VRT.

 

 

Cargill Malt in Herent - Afvoer van grondstoffen voor brouwerijen
Vanuit het Vlaams-Brabantse Herent vervoert Cargill Malt zowat 5.000 containers per jaar met de binnenvaart. De lokale vestiging levert onder meer mout voor Japanse en Afrikaanse brouwerijen, die via de Haven van Antwerpen wordt geëxporteerd. In 2003 is Cargill Malt overgeschakeld van de weg naar het water vanwege de drukte op de weg. Op jaarbasis worden bijna 10.000 vrachtwagenritten uitgespaard. Met deze move is ook de hinder voor omwonenden beperkt. De locatie van Cargill is gelegen langs het Kanaal Leuven-Dijle, waar alleen schepen tot 600 ton kunnen varen. De prijs blijkt niet hoger te zijn dan bij het wegvervoer, terwijl het een betere kwaliteitsbeheersing heeft opgeleverd. Voor de praktische organisatie van het binnenvaartvervoer werkt Cargill Malt samen met de Batop-terminal die drie vaste schepen inzet. Inmiddels wordt zowat 80 procent van de productie over de binnenwateren vervoerd. Pbv maart 2010

 

Intersig in Dendermonde - Aanvoer van walsdraad
De Oost-Vlaamse fabrikant van bouwstaalproducten Intersig beschikt niet over een eigen kade, maar is wel een fervent gebruiker van de binnenvaart. Het bedrijf maakt sinds 2002 gebruik van de mogelijkheden van een publieke laad- en loskade op 5 km afstand. Intersig maakt betonstaal op rol, op basis van walsdraad uit Duitsland, Wallonië en Frankrijk. Voorheen kwam het walsdraad via de weg. De lading wordt op de kade gelost waarna vrachtwagens de lading naar het bedrijf vervoeren. Intussen vervoert Intersig per dag gemiddeld al 400 ton via de binnenvaart. Pbv maart 2010

 

Ebema Beton Rijkevorsel in Rijkevorsel - Afvoer van pallets bouwmaterialen
Betonfabriek Ebema Beton Rijkevorsel (EBR) produceert in Rijkevorsel hoogwaardige bestratingsmaterialen en prefab-elementen in beton. Het bedrijfsterrein ligt langs het Kanaal Dessel-Schoten, dat momenteel schepen tot 440 ton kan ontvangen. Eind 2007 opende het bedrijf een nieuwe laad- en loskade waarmee het ook overslagactiviteiten voor derden wil aantrekken. Voor eigen productie vervoert Ebema tot 85.000 ton per jaar via de binnenwateren, maar wil de komende tien jaar evenveel voor derden over te slaan.
Als betonfabrikant voert Ebema voornamelijk de klassieke binnenvaartgoederen zand en grind aan. Daarnaast heeft het bedrijf een dochteronderneming ‘Havenbedrijf Rijkevorsel' opgericht waarmee het ook op palletvervoer mikt. Door de nieuwe kade kan met eigen vrachtwagenkranen palletten in een scheepsruim worden geladen of gelost. Pbv maart 2010. Zie ook: Palletvervoer via binnenvaart

 

Celanese in Lanaken - Aanvoer van grondstof filterkabel
De voormalige textielfabriek Celanese in Lanaken focust zich sinds 2001 op de productie van filterkabel, de grondstof voor sigarettenfilters. Het bedrijf gebruikt de binnenvaart hoofdzakelijk voor de aanvoer van grondstoffen vanuit de haven van Antwerpen. Per jaar goed voor 2.700 teu over de binnenwateren. In vergelijking met grote bedrijven langs het Albertkanaal is dat vrij weinig, maar wekelijks houdt Celanese toch een dertigtal vrachtwagens van de weg. Celanese maakt gebruik van de faciliteiten van de Haven van Genk om de grote volumes tijdelijk op te slaan. Vandaar transporteert het chemische bedrijf de containers via een dagelijkse shuttle naar eigen fabrieksterrein. Voor de afvoer van de acetaat filterkabel wordt meestal voor wegvervoer gekozen omdat het kleinere volumes betreft. Pbv maart 2010